APOCALYPSIS, OFDE OPENBARINGVAN JOHANNESVAN JOHANNES *THEOLOGUS

HOOFDSTUK 14.

1 De apostel ziet in een gezicht het Lam staande op den berg Sion met Zijn 144.000 getekenden. 2 In den hemel wordt een nieuw gezang gezongen, dat niemand kan leren dan dezelve. 4 Dezen zijn maagden, en volgen het Lam waar Het gaat. 6 Daarop vliegt een engel door het midden des hemels, en verkondigt het eeuwig Evangelie. 8 Welken een andere engel volgt, die den val der grote stad Babel voorzegt. 9 En een derde, die de eeuwige straf dreigt dengenen die het beest aanbidden of zijn merkteken hebben. 12 De heiligen worden tot lijdzaamheid vermaand, en die in den Heere sterven van hun zaligheid verzekerd. 14 Daarna wordt Een op een witte wolk gezien, met een kroon op het hoofd, en een sikkel in de hand, Welke vermaand wordt Zijn sikkel in den rijpen oogst te zenden. 17 Eindelijk komt nog een engel uit den tempel des hemels, met nog een sikkel, die vermaand wordt de druiventakken der aarde te snijden. 19 Welke hij werpt in den wijnpersbak van den toorn Gods, die getreden wordt, en vloeit tot aan de tomen der paarden, duizend zeshonderd stadiën ver.

Het Lam en Zijn vrijgekochten
1

EN ik zag, en zie, 1het Lam 2stond op den berg Sion, en met Hem a3honderd vier en veertig duizend, 4hebbende den Naam Zijns Vaders geschreven aan hun voorhoofden.

2

5En ik hoorde een stem uit den hemel, als been stem veler wateren en als een stem 6van een groten donderslag. En ik hoorde een stem c7van citerspelers, spelende op hun citers;

3

En zij zongen als d8een nieuw gezang voor den troon en voor de vier dieren en de ouderlingen; en 9niemand kon het gezang leren dan de honderd vier en veertig duizend, 10die van de aarde gekocht waren.

4

Dezen zijn het 11die met vrouwen niet bevlekt zijn, ewant zij zijn maagden. Dezen zijn het die het Lam volgen, waar Het ook heen gaat. Dezen zijn gekocht uit de mensen, tot12eerstelingen Gode en het Lam.

5

fEn 13in hun mond is geen bedrog gevonden, want zij zijn g14onberispelijk voor den troon Gods.

Aankondigingen van het oordeel
6

15En ik zag 16een anderen engel, vliegende in het midden des hemels, en hij had 17het eeuwig Evangelie, om te verkondigen dengenen die op de aarde wonen, en aan alle natie en geslacht en taal en volk,

7

Zeggende met een grote stem: 18Vreest God en geeft Hem heerlijkheid, want 19de ure Zijns oordeels is gekomen; en aanbidt Hem hDie den hemel en de aarde en de zee en 20de fonteinen der wateren gemaakt heeft.

8

En er is 21een andere engel gevolgd, zeggende: i22Zij is gevallen, zij is gevallen, Babylon, kdie grote stad, omdat zij uit 23den wijn des toorns harer hoererij alle volken heeft gedrenkt.

9

En 24een derde engel is hen gevolgd, zeggende met een grote stem: Indien iemand het beest aanbidt en zijn beeld, en ontvangt het merkteken aan zijn voorhoofd of aan zijn hand,

10

25Die zal ook drinken uit den wijn van den toorn Gods, die ongemengd l26ingeschonken is min den drinkbeker Zijns toorns; en zal ngepijnigd worden omet vuur en sulfer voor de heilige engelen en voor het Lam.

11

p27En de rook van hun pijniging gaat op in alle eeuwigheid, en zij hebben geen rust dag en nacht, die het beest aanbidden en zijn beeld, en zo iemand het merkteken zijns naams ontvangt.

12

q28Hier is de lijdzaamheid der heiligen; hier zijn zij 29die de geboden Gods bewaren en het geloof van Jezus.

13

En ik hoorde een stem uit den hemel, die tot mij zeide: Schrijf, zalig zijn de doden die 30in den Heere sterven, 31van nu aan. Ja, zegt de Geest, opdat zij rusten mogen van hun arbeid; en hun werken volgen 32met hen.

De koren- en de wijnoogst
14

En 33ik zag, en zie, een witte wolk, en op de wolk 34was Een gezeten, rdes mensen Zoon gelijk, 35hebbende op Zijn hoofd een gouden kroon, en in Zijn hand 36een scherpe sikkel.

15

En een andere engel kwam uit 37den tempel, roepende met een grote stem tot Dengene Die op de wolk zat: sZend Uw sikkel en maai; want de ure 38om te maaien is voor U gekomen, dewijl de oogst der aarde is 39rijp geworden.

16

En Die op de wolk zat, zond Zijn sikkel op de aarde, en de aarde 40werd gemaaid.

17

En 41een andere engel kwam uit den tempel die in den hemel is, hebbende ook zelf een scherpe sikkel.

18

En een andere engel kwam uit 42van het altaar, 43die macht had over het vuur; en hij riep met een groot geroep tot dengene die de scherpe sikkel had, zeggende: Zend uw scherpe sikkel en snijd af de druiventakken van den wijngaard der aarde, 44want zijn druiven zijn rijp.

19

En de engel 45zond zijn sikkel op de aarde en sneed de druiven af van den wijngaard der aarde, en wierp ze 46in den groten wijnpersbak van tden toorn Gods.

20

En vde wijnpersbak werd 47buiten de stad getreden, en er is bloed uit den wijnpersbak gekomen, 48tot aan de tomen der paarden, 49duizend zeshonderd stadiën ver.