DE ZENDBRIEF VAN DEN APOSTEL PAULUSAAN DEGALATEN

HOOFDSTUK 5.

1 De apostel verklaard en bewezen hebbende de vrijheid der Christenen van het juk der wet, vermaant de Galaten dat zij in die vrijheid blijven en volharden. 2 Dat anderszins Christus hun niet nut is, 5 En dat de rechtvaardigheid niet wordt verkregen dan door een geloof werkende door de liefde. 7 Betuigt dat het gevoelen der valse leraars uit God niet is, maar als een zuurdesem; en dat dezelve van God zullen gestraft worden. 11 Dat zij ook ten onrechte des apostels naam misbruikten. 13 Leert dat deze vrijheid moet gebruikt worden, met liefde des naasten, zonder twist. 16 Vermaant hen dat zij de begeerlijkheden des vleses door de kracht des Geestes overwinnen. 17 Beschrijft daarom den strijd des vleses tegen den Geest in de gelovigen. 19 Verhaalt de vruchten des vleses. 22 En des Geestes. 24 Aanwijzende dat dit de rechte Christenen zijn, die door den Geest het vlees overwinnen.

Blijven staan in de vrijheid
1

STAAT 1adan 2in de vrijheid met welke ons 3Christus vrijgemaakt heeft, en wordt niet 4wederom bmet 5het juk der dienstbaarheid 6bevangen.

2

Zie, 7ik, Paulus, zeg u, c8zo gij u laat besnijden, 9dat Christus u niet nut zal zijn.

3

En ik betuig wederom een iegelijk mens 10die zich laat besnijden, dat hij 11een schuldenaar is 12de gehele wet te doen.

4

Christus is u 13ijdel geworden, die door de wet gerechtvaardigd 14wilt worden; gij zijt 15van de genade 16vervallen.

5

Want 17wij 18verwachten 19door den Geest 20uit het geloof de hoop der rechtvaardigheid.

6

dWant 21in Christus Jezus heeft noch 22besnijdenis enige 23kracht, noch 24voorhuid, maar 25het geloof, 26door de liefde e27werkende.

7

Gij 28liept wél; f29wie heeft u verhinderd 30der waarheid 31gehoorzaam te zijn?

8

32Dit gevoelen is niet uit 33Hem Die u roept.

9

g34Een weinig zuurdesem verzuurt het gehele deeg.

10

hIk vertrouw van u in den Heere, dat gij 35niet anders zult gevoelen; maar 36die u ontroert, zal 37het oordeel dragen, 38wie hij ook zij.

11

Maar ik, broeders, indien ik 39nog 40de besnijdenis predik, 41waarom word ik nog vervolgd? Zo is dan i42de ergernis des kruises 43vernietigd.

12

kOch, of zij ook 44afgesneden werden die u 45onrustig maken.

De vrijheid niet misbruiken
13

Want gij zijt 46tot vrijheid 47geroepen, broeders; lalleenlijk 48gebruikt de vrijheid niet tot 49een oorzaak voor het vlees, maar 50dient elkander door de liefde.

14

mWant 51de gehele wet wordt in 52één woord 53vervuld, namelijk in dit: nGij zult uw naaste liefhebben gelijk uzelven.

15

Maar oindien gij elkander 54bijt en vereet, ziet toe dat gij van elkander niet 55verteerd wordt.

De werken des vleses en de vrucht des Geestes
16

En 56ik zeg: pWandelt 57door den Geest, 58en volbrengt 59de begeerlijkheid des vleses niet.

17

qWant het vlees 60begeert tegen den Geest, en de Geest tegen het vlees; en deze 61staan tegen elkander, alzo 62dat gij niet doet hetgeen 63gij wildet.

18

Maar indien gij 64door den Geest geleid wordt, zo zijt gij 65niet onder de wet.

19

rDe werken 66des vleses nu 67zijn openbaar; welke zijn overspel, hoererij, onreinheid, 68ontuchtigheid,

20

Afgoderij, 69venijngeving, vijandschappen, twisten, 70afgunstigheden, toorn, gekijf, tweedracht, ketterijen,

21

Nijd, moord, dronkenschappen, 71brasserijen en 72dergelijke; svan dewelke ik u 73tevoren zeg, gelijk ik ook 74tevoren gezegd heb, dat 75die zulke dingen doen, 76het Koninkrijk Gods 77niet zullen 78beërven.

22

tMaar 79de vrucht des Geestes is liefde, 80blijdschap, vrede, lankmoedigheid, goedertierenheid, goedheid, 81geloof, zachtmoedigheid, 82matigheid.

t Ef. 5:9.
23

vTegen 83de zodanigen 84is de wet niet.

24

xMaar 85die van Christus zijn, 86hebben het vlees gekruist met 87de bewegingen en begeerlijkheden.

25

Indien wij door 88den Geest leven, zo laat ons ook 89door den Geest wandelen.

26

90Laat ons niet zijn 91zoekers van ijdele eer, elkander 92tergende, elkander 93benijdende.