APOCALYPSIS, OFDE OPENBARINGVAN JOHANNESVAN JOHANNES *THEOLOGUS

HOOFDSTUK 11.

1 Den Engel wordt een rietstok gegeven om den tempel te meten. 2 Maar niet het voorhof. 3 Christus geeft Zijn twee getuigen macht om te profeteren, en om hun vijanden plagen toe te zenden. 7 Het beest komt uit den afgrond, en doodt de getuigen. 9 Waarover zich de volken verheugen. 11 Maar na drie dagen en een halven worden zij weder levend. 12 En worden opgenomen in den hemel. 13 Waarna aardbeving volgt, en schade over de grote stad. 15 De zevende engel bazuint, en de koninkrijken worden van God en van Christus. 16 Waarop de vier en twintig ouderlingen God loven. 18 En de toorn Gods komt over de volken, maar het bereide loon wordt gegeven aan de heiligen. 19 En de tempel Gods in den hemel wordt geopend.

De twee getuigen
1

EN a mij werd 1een rietstok gegeven, een meetroede gelijk; en de Engel stond en zeide: Sta op, en 2meet den tempel Gods en 3het altaar, en degenen die daarin aanbidden.

a Ez. 40:3.; 41; 42; 43.
2

En 4laat 5het voorhof dat van buiten den tempel is, uit, en meet dat niet, want het is 6den heidenen gegeven; en zij zullen 7de heilige stad vertreden b8twee en veertig maanden.

3

En Ik zal 9Mijn twee getuigen macht geven, en zij zullen profeteren duizend tweehonderd zestig dagen, met zakken bekleed.

4

cDezen zijn 10de twee olijfbomen en de twee kandelaren, die voor den God der aarde staan.

5

En zo iemand die wil beschadigen, 11een vuur zal uit hun mond uitgaan en zal hun vijanden verslinden; en zo iemand hen wil beschadigen, die moet alzo gedood worden.

6

dDezen hebben macht 12den hemel te sluiten, opdat geen regen regene in de dagen hunner profetering; en zij hebben macht over de wateren, e13om die in bloed te verkeren, en de aarde te slaan met allerlei plaag, zo menigmaal als zij zullen willen.

7

fEn 14als zij hun getuigenis zullen geëindigd hebben, zal 15het beest dat guit den afgrond opkomt, hun krijg aandoen, en het zal hen overwinnen en zal hen doden.

8

En hun dode lichamen zullen liggen16op de straat 17hder grote stad, die geestelijk genoemd wordt Sódom en Egypte, alwaar ook onze Heere gekruist is.

9

En de mensen uit de volken en geslachten en talen en natiën zullen hun dode lichamen zien drie dagen en een halven, en zullen niet toelaten dat hun dode lichamen in graven gelegd worden.

10

En 18die op de aarde wonen, die zullen verblijd zijn over hen, en zullen vreugde bedrijven, en zullen elkander 19geschenken zenden; omdat deze twee profeten degenen die op de aarde wonen, 20gepijnigd hadden.

11

En 21na die drie dagen en een halven is een geest des levens uit God in hen gegaan, en zij stonden op hun voeten; en er is grote vrees gevallen op degenen die hen aanschouwden.

12

En zij hoorden een grote stem uit den hemel, die tot hen zeide: Komt herwaarts op. En 22zij voeren op naar den hemel in de wolk, en hun vijanden aanschouwden hen.

13

En in diezelve ure geschiedde 23een grote aardbeving, en 24het tiende deel der stad is gevallen, en er zijn in de aardbeving gedood 25zevenduizend namen van mensen; en 26de overigen zijn zeer bevreesd geworden en hebben den God des hemels heerlijkheid gegeven.

14

Het tweede wee is weggegaan; zie, ihet derde wee komt haast.

De zevende bazuin. Grote stemmen in den hemel
15

En 27de zevende engel heeft gebazuind, en er geschiedden 28grote stemmen in den hemel, zeggende: De koninkrijken der wereld 29zijn geworden onzes Heeren en van Zijn Christus, en Hij zal als Koning heersen in alle eeuwigheid.

16

En de vier en twintig ouderlingen, die voor God zitten op hun tronen, vielen neder op hun aangezichten en aanbaden God,

17

Zeggende: Wij danken U, Heere God almachtig, kDie is, en Die was, en Die komen zal, dat Gij Uw grote kracht hebt aangenomen en als Koning hebt geheerst;

18

En 30de volken waren toornig geworden, en Uw toorn is gekomen, en de tijd der doden om geoordeeld te worden, en om het loon te geven Uw dienstknechten, 31den profeten en 32den heiligen en dengenen 33die Uw Naam vrezen, den kleinen en den groten; en om te verderven degenen 34die de aarde verdierven.

19

En 35de tempel Gods in den hemel is lgeopend geworden, en de Ark Zijns verbonds is gezien in Zijn tempel; en er werden bliksemen en stemmen en donderslagen en aardbeving en grote hagel.